KB nationale bibliotheek
De Amsterdamse arts en criminoloog Arnold Aletrino geldt als een van de wegbereiders voor de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland. In 1908 sprak hij voor leden van het Amsterdams Studenten Corps over dit onderwerp. Zijn lezing werd gedrukt en uitgegeven als brochure.
Lange tijd werd homoseksualiteit beschouwd als tegennatuurlijk, onwenselijk en een gevaar voor de samenleving en de goede zeden. Aan het einde van de 19e eeuw ontstonden in wetenschappelijke kringen discussies over homoseksualiteit, destijds vaak uranisme genoemd. Artsen, psychiaters, juristen en criminologen bogen zich over vragen als: is homoseksualiteit aangeleerd of aangeboren. Begin 20e eeuw namen ook verschillende Nederlandse wetenschappers, onder wie Arnold Aletrino, deel aan deze debatten.
Toen Aletrino in 1901 op een criminologisch congres opkwam voor de rechten van uranisten, zorgde dat voor geschokte reacties. De congresleiding vond zijn standpunt zo aanstootgevend dat de aanwezige pers werd verzocht hier niet over te schrijven. Bijna alle kranten hielden zich daaraan of vermeldden alleen dat er een hevig debat plaatsvond zonder duidelijk te maken waar de discussie precies over ging.
In de jaren daarna publiceerde Aletrino verschillende brochures over uranisme. Zo werd de lezing die hij in 1908 gaf voor de studenten in de rechten van het Amsterdamse Studenten Corps, uitgegeven onder de titel Hermaphrodisie en Uranisme. Doordat hij aandacht vroeg voor de achtergestelde positie van homoseksuelen in een tijd waarin dat ongebruikelijk was, kan hij worden gezien als een van de wegbereiders voor de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland.
